In deze lezing met theatrale elementen wordt o.a. gebruik gemaakt van de aantekeningen van de Franse dichter Charles Juliet .
Van de vele bezoeken die de Franse dichter Charles Juliet na hun kennismaking in 1964 aan Bram van Velde bracht heeft hij aantekeningen gemaakt die vooral bestaan uit de spaarzame uitspraken van hem.
Zoals Bram van Velde in zijn schilderijen op aangrijpende wijze ‘de onmogelijkheid van het schilderen' schildert, zo verrassen de uitspraken van deze man die het liefst zweeg, omdat hij, naar zijn zeggen, niets met woorden kon.
De beleving staat centraal. Geen lezing als gebruikelijk.
Van de schilderijen van Bram van Velde went men zich ofwel direct af, ofwel men raakt er zo door gefascineerd dat men ze niet meer kan vergeten. Hetzelfde geldt voor hun schepper. En dat maakt elk esthetisch oordeel, behalve het meest eenvoudige, onmogelijk, want het zijn schilderijen zonder aanleiding, geschilderd zoals men schreeuwt, woest en teder, ze dwingen hartstocht af doordat ze de meest tegenstrijdige reacties oproepen. In een tijd waarin we aan het drama ontsnappen dat ons omringt en proberen het te vergeten in luxe en voorspoed, weigert Bram van Velde dit spel mee te spelen en conventionele gebaren te maken die succes verzekeren zonder verbazing of wantrouwen te wekken.
Uit zijn onopgesmukte kwellingen ontstaan schilderijen - of liever visioenen - die hem van de langzame dood redden van degenen die de mogelijkheid om zich te uiten, hun levensader, verloren hebben. Bram van Velde is immers een ziener. Hij zoekt, doorgrondt en belicht als het ware met behulp van bliksemschichten de mogelijke uitwegen op onze reis.
Het werk van Bram van Velde is geen illusie: hij neemt risico's, doet zichzelf pijn, raakt ons, dwingt ons het aandachtig op te nemen en onszelf aandachtig op te nemen. Zou hij als schilder zonder herhalingen en concessies het masker oplichten van ons slechte geweten? Zou hij formules aanreiken om onze angsten te ontcijferen? Misschien… op zijn weg en op zijn schilderijen werpt hij het zuiverste innerlijke licht. (Xavier Fourcade)
expressionisme
Bram van Velde (1895 -1981) verliet in 1922 het schilders- en decoratiebedrijf van Eduard Kramers in Den Haag, waar hij tot dan toe werkzaam was geweest, om zich in Worpswede als beeldend kunstenaar te vestigen.
Het in Noord-Duitsland heersende expressionisme, dat sterk door Van Gogh en Munch was beïnvloed, had in deze tijd een belangrijke invloed op Bram van Velde. Na een oponthoud van ruim twee jaar vertrok hij met zijn vriendin naar Parijs, waarheen kort daarop ook zijn drie jaar jongere broer Geer kwam die eveneens kunstschilder was.
In deze Parijse periode ontstonden de eerste schilderijen waarin Van Velde de realiteit als uitgangspunt losliet.
De geschilderde lijn werd zowel contour als vrije suggestieve beweging, de vorm werd figuratief alsook abstract op te vatten.
Samuel Beckett
In 1937 ontmoet hij Samuel Beckett die een grote rol in zijn leven zou gaan spelen. Beckett vond bij Bram van Velde - de kunstenaar die moet schilderen, niet kan schilderen en toch schildert - de bevestiging van zijn ideeën over de onmogelijkheid van de kunst. Ze waren beide op zoek naar het onzegbaar eenvoudige in het leven, dat hij al schilderend probeerde te benaderen en in verf te vangen. Schilderen zag hij in de eerste plaats als een levenshandeling die in staat stelt om te zien.
|